Het toezicht ter bescherming van beleggende jongeren

1.Inleiding

Volgens de cijfers van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) is bijna de helft van de jongvolwassenen in Nederland bezig met beleggen.[1] Van die beleggende groep jongvolwassenen ziet de meerderheid beleggen als een hobby. Deze hobby heeft zich ondertussen ook verplaatst naar minderjarigen.[2] Hoewel iedereen hoort te weten dat aan beleggen altijd risico’s verbonden zijn, lijkt dit onder de jeugd dus niet veel uit te maken. Een kwart van de jongvolwassenen besluit namelijk om te beleggen in de bijzonder risicovolle cryptomunten en ook de minderjarigen handelen volop in de ‘crypto’s’.[3]

Ik ga in deze update in op de vraag of er meer toezicht nodig is om beleggende jongeren te beschermen. Daarbij kijk ik eerst hoe het toezicht op cryptomunten, finfluencers en reclame-uitingen nu is geregeld. Tot slot bespreek ik hoe er naast het toezicht dat er al is aanvullend bescherming kan worden geboden.

2. Cryptomunten 

Op dit moment is er geen eenduidig kader voor alle typen cryptomunten. Het hangt van de technologische en functionele toepassing af of een bepaald type cryptomunt onder Europese of Nederlandse wetgeving wordt gereguleerd.[4] Dit houdt in dat niet alle (uitgevers van) cryptomunten onder toezicht staan. Er bestaan daarom risico’s op misleiding, oplichting, cybercrime en manipulatie.[5] Daarnaast maakt het karakter van de cryptomunt het beleggen daarin ook risicovol. Een cryptomunt is namelijk volatiel. Dit betekent dat het een onstabiele waarde heeft.[6] Een cryptomunt kan binnen een kort tijdsbestek ineens veel minder waard zijn.

De risicovolheid van cryptomunten blijkt ook uit het rapport van de Financial Stability Board dat waarschuwt voor de instabiliteit van de financiële markt die cryptomunten veroorzaken door de snelheid waarmee de cryptomarkten zich ontwikkelen.[7]

Gelukkig komt er binnenkort nieuwe Europese wetgeving: de verordening betreffende markten voor crypto-assets (MiCA).[8] Deze verordening heeft het doel om in een gemeenschappelijk regelgevend kader te voorzien voor cryptomunten die nu nog buiten de reikwijdte van wetgeving vallen.[9] Deze verordening zal er dus voor zorgen dat er meer beleggersbescherming is.

3. Finfluencers

Een ander nieuw aspect in de beleggingswereld zijn de zogenaamde ‘finfluencers’. Dit zijn influencers die zich op sociale media uitlaten over beleggen. Het gevaar bij deze personen is dat de meeste van hen geen relevante financiële opleiding hebben gedaan of ervaring hebben met beleggen, terwijl dit vaak wel zo wordt ervaren.[10] Daarnaast wordt de influencer soms ook betaald om een bepaalde mening over te brengen en staan de belangen van de beleggers hierdoor niet voorop.[11] De (veelal jonge) kijker wordt dus als het ware overgehaald om te beginnen met beleggen zonder van de nadelen of de risico’s op de hoogte te worden gesteld.

Er is in dit geval wel toezicht op basis van de Wet op het financieel toezicht (Wft) dat uitgevoerd wordt door de toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM).[12] Zo mogen influencers zonder vergunning geen beleggingsadvies geven[13] en mogen zij niet betaald worden op basis van het aantal klanten dat zij aanbrengen[14].[15] Desondanks worden jongeren op deze manier alsnog aangetrokken tot het beleggen in risicovolle cryptomunten.

4. Beleggingsreclames

Als het plan om te beginnen met beleggen vervolgens is ontstaan, wordt het ook nog makkelijk gemaakt om daadwerkelijk te beginnen. Het enige wat je nu in veel gevallen nodig hebt is een bankrekening en een app van diezelfde bank. Beide staan vaak al tot de beschikking van de jongeren waardoor bijna geen stappen ondernomen hoeven te worden om te beginnen met beleggen.[16]

Er wordt veel reclame gemaakt over deze toegankelijke manier van beleggen via de bank-app. Daarbij wordt niet duidelijk genoeg op de risico’s gewezen, volgens de AFM.[17] Hoewel het niet zozeer erg is dat jongeren aangetrokken worden tot beleggen en het ze vrij makkelijk wordt gemaakt, kunnen de gevolgen wel degelijk groot zijn. Doordat er niet goed op de risico’s wordt gewezen, wordt er volop geïnvesteerd in risicovolle cryptomunten waarbij gebruik wordt gemaakt van geld van de spaarrekening.[18] Dit geld is vaak niet ‘over’. Dit houdt in dat er geen buffer wordt aangehouden om het verlies op te vangen. Jongeren worden dus niet goed genoeg bewust gemaakt van de kans dat zij hun geld niet meer terug gaan zien.

5. Zorgplicht banken

Nu is het natuurlijk mede het risico van de belegger zelf om in cryptomunten te beleggen die niet onder toezicht staan van de AFM. Desondanks moeten niet-professionele marktpartijen beschermd worden tegen hun gebrek aan kennis. Dit is al jarenlang de gedachte onder het wetgevingsstelsel van beleggingsbescherming genaamd Markets in Financial Instruments Directive (MiFID).[19] Door de jaren heen is in de jurisprudentie zelfs een zorgplicht ontstaan waarbij (in de eerste instantie) banken in bepaalde gevallen de plicht hebben om de niet-professionele belegger te beschermen, nog voordat een contractuele relatie tot stand komt.[20] De zorgplicht strekt er toe om particuliere beleggers te beschermen tegen het gevaar van eigen lichtvaardigheid en/of gebrek aan inzicht. Bij jongeren wordt vaak via de bank belegd. Er bestaat dus een reële mogelijkheid dat de bank een zorgplicht heeft jegens hen.

6. Conclusie

Moet er dus meer toezicht komen om beleggende jongeren te beschermen? Ik meen dat de nieuwe Europese verordening zeer welkom is met het oog op meer toezicht en dus meer bescherming. De cryptomunten vallen nu veelal buiten het toezicht en zijn mede daardoor extra risicovol om in te beleggen. Ondanks dat risico, zijn er wel veel jongeren die willen beleggen in cryptomunten. Dat de cryptomunten straks gereguleerd worden zorgt ervoor dat, alhoewel er altijd risico’s blijven bestaan, beleggers meer bescherming genieten.

Verder bestaat er al toezicht op finfluencers en reclame-uitingen. De AFM doet er goed aan om de finfluencers te wijzen op de regels waar op grond van de Wft moet worden voldaan. Ook vind ik het een goede ontwikkeling dat de AFM zegt dat er meer gewaarschuwd moet worden voor de risico’s van het beleggen in reclame-uitingen.

Ten slotte ben ik van mening dat de bank haar zorgplicht, als blijkt dat deze in dit geval bestaat, juist bij de jonge groep beleggers adequaat moet uitvoeren. Er moet ook hier in duidelijke bewoordingen gewaarschuwd worden op de risico’s van beleggen. Hier is overigens geen zorgplicht voor vereist. Dit kan de bank ook uit eigen beweging doen zonder dat zij daartoe verplicht wordt. Dat lijkt mij dan ook een goede zaak. Zo worden jongeren in ieder geval altijd gewaarschuwd voor de risico’s van beleggen.


ajlkalkdalknmd;lkasn;fklansd;oifjsoknjvlkfjsa’kimajkdsmflkamsd;lkfadslfj;lkasdj;lmfa;lskdfj

ajlsdkjfalksdnflkand;lkfajlsdkjflkjaoidsfjakfjaldvvkmadk

[1] Rapport ‘Jongvolwassenen en beleggen 2021’ Nibud en RaboResearch 2021, p. 8.

[2] ‘Cryptocrash op het schoolplein: ‘Trade niet met je emotie maar met je verstand’’, Financieel Dagblad.

[3] Rapport ‘Jongvolwassenen en beleggen 2021’ Nibud en RaboResearch 2021, p. 8; ‘Cryptocrash op het schoolplein: ‘Trade niet met je emotie maar met je verstand’’, Financieel Dagblad.

[4] V.J. Carvalho Mota en I.S. Dovgaliouk, ‘Regulering van stablecoins in het MiCa-tijdperk’, FR 2021/3.

[5] ‘AFM en DNB pleiten voor cryptoregulering op internationaal niveau’, afm.nl

[6] ‘Wat u moet weten over crypto’s’, dnb.nl

[7] Rapport ‘Assessment of Risks to Financial Stability from Crypto-assets’, FSB 2022.

[8] Voorstel voor een Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende markten in cryptoactiva en tot wijziging van Richtlijn (EU) 2019/1937, COM/2020/593 final.

[9] S.W. van de Ven, ‘Van MiFID naar MiCA: een juridisch raamwerk voor crypto asset service providers’, FR 2020/12; C.M. Grundmann-van de Krol, ‘Toekomstige regulering van crypto-uitgevers en cryptodienstverleners: hoofdlijnen’, Ondernemingsrecht 2021/67.

[10] ‘AFM wijst ‘finfluencers’ op regels bij online posts over beleggen’, afm.nl

[11] ‘AFM wijst ‘finfluencers’ op regels bij online posts over beleggen’, afm.nl

[12] Art. 1:25 Wft.

[13] Art. 2:96 Wft.

[14] Art. 86c Bgfo Wft.

[15] Zie ook de waarschuwing van de AFM specifiek voor influencers: ‘Regels voor online posten over beleggen – vermijd de valkuilen van influencen’, afm.nl.

[16] Het gaat hier dan vaak over de basispakketten van beleggen, waarbij er individueel wordt belegd zonder beleggingsadvies (zogenaamd execution-only dienst).

[17] ‘Beleggingsrisico’s in reclame-uitingen onvoldoende belicht’, afm.nl.

[18] ‘Nibud: Groeiende groep jongeren belegt’, nibud.nl

[19] L.J. Silverentand in: Busch & Grundmann-van de Krol (red.), Handboek beleggingsondernemingen (O&R nr. 112) 2019/11.3.1.

[20] Sinds de zogenaamde optie-arresten. Een van de eerste arresten is HR 23 mei 1997, NJ 1998/192 (Rabobank/Everaars). Zie over de zorgplicht ook D. Busch, ‘De toekomst van de bijzondere zorgplicht in de financiële sector’, NJB 2020/424, paragraaf 4.